01
Knijp hem om een spaak
De twee zwarte veerarmen pakken de spaak vast. Hoe strakker de spaak staat, hoe minder ver de armen dichtklappen.

Buiten & Onderweg · Fietsgereedschap
Een wiel dat blijft slaan heeft meestal geen kromme velg, maar spaken die ongelijk gespannen staan. Deze meter knijp je om een spaak en leest af hoe strak die staat — zodat je op getal werkt in plaats van op gevoel of gehoor.
Kleur
Zo werkt het
Spaken gaan zitten na de eerste kilometers. Eén te losse spaak trekt de velg scheef en laat de rest harder werken — dat hoor je pas als er eentje knapt.
01
De twee zwarte veerarmen pakken de spaak vast. Hoe strakker de spaak staat, hoe minder ver de armen dichtklappen.
02
De wijzer loopt over een boog van 0 tot 50. Dat getal noteer je per spaak, zodat je ziet welke los staat en welke te strak.
03
Draai de spaaknippels van de afwijkende spaken per kwart slag bij en meet opnieuw, tot de getallen dicht bij elkaar liggen.


Wat de getallen betekenen
De boog loopt van 0 tot 50. Dat zijn schaaldelen, geen kilogram-kracht. Je gebruikt ze om spaken onderling te vergelijken: als alle spaken aan dezelfde kant van het wiel rond hetzelfde getal zitten, staat je wiel gelijkmatig gespannen.
Bij een achterwiel staan de spaken aan de tandwielkant altijd strakker dan aan de andere kant. Vergelijk dus links met links en rechts met rechts, niet alles door elkaar.
Een dikkere spaak geeft bij dezelfde spanning een ander schaaldeel dan een dunne. Meet daarom binnen één wiel met één spaakdikte, of noteer per type apart.
Daarvoor heb je een meter met een geijkte omrekentabel per spaakdikte nodig. Deze meter is bedoeld om spaken gelijk te trekken, niet om een absolute waarde te certificeren. Voor het meeste thuiswerk aan wielen is dat precies genoeg.

Maten en materiaal volgens opgave van de fabrikant; afmetingen kunnen enkele millimeters afwijken.
Meten is één stap. Je hebt er een spaaksleutel bij nodig om de nippels te draaien, en het werkt het prettigst met een standaard waarin het wiel vrij kan draaien.
Draai spaaknippels per kwart slag en meet opnieuw. Te veel in één keer trekt de velg juist de andere kant op.
Zet de meter steeds op ongeveer dezelfde hoogte op de spaak. Dichter bij de nippel lees je een ander schaaldeel af dan halverwege.
Wiel teruggezet? Controleer spaken en remmen voordat je gaat rijden, en laat het bij twijfel nakijken door een fietsenmaker.